Amerika 2010 deel 1
Eindelijk zijn we dan op weg voor onze reis door Amerika. Onderweg naar Schiphol vraagt Tomar bij Goes of we er al bijna zijn. Hij heeft er zin in!
Senne ook, op Schiphol gilde hij het uit van enthousiasme toen hij al de vliegtuigen zag en het verkeer van allerlei bijzondere autootjes.We hebben bijna een uur zitten kijken en nog hadden ze er geen genoeg van……
We waren mooi op tijd aanwezig, het was erg druk in de vertrekhal. Het printen van de boardingpasses was niet gelukt, en ook bij de kiosk ging het niet, dus via de balie onze bagage afgegeven. We hebben heel wat bij: 2 koffers, 2 kinderautostoeltjes waarvan er 1 mee de cabine in gaat. En dan nog een rugdrager, een rugzak met netbook en camera’s en een rolkoffer met noodkleren en speelgoed.
Voordeel van met kinderen vliegen is dat je via de business ingang door de security mag bij de gate en dat scheelt nogal wat wachttijd, en je mag ook als eerste aan boord.
Ook tijdens de vlucht gaat het heel goed, ze zijn ongewoon rustig en lief!,we krijgen complimentjes van de stewardess. We moeten op dit moment nog zo’n 3u 45 vliegen. De stoelindeling, Senne en ik en Tomar bij Evelien werkt goed. Tomar was wel onrustig, al de hele trip, en blijft de hele tijd vragen stellen ( alles gaat ‘m eigenlijk te langzaam…), maar Senne is erg braaf. De start van de vlucht heeft hij niet meegemaakt, (we moeten zo ver rijden voordat we opstijgen, en dat is teveel voor het jongetje wat sinds 10 uur ’s morgens niet meer had geslapen..)
De verschillende formulieren zijn net ingevuld, daar ben je toch ook wel even zoet mee. We zijn nogal wat later vertrokken, maar volgens de monitor komen we wel op tijd aan. Jammer dat er na Toy Story geen kinderfilms meer zijn, dus kijken ze maar naar Avatar…
Even later gaat de netbook met kinderfilms maar aan. We zijn niet de enige.
Wij kijken amper films, en de tijd gaat best snel om zo.
Met nog 2 uur te gaan, valt Tomar bij Bob de Bouwer in slaap en even later is Tomar en dus ook de stoel kleddernat. Ai, vergeten een luier aan te doen…. En we hebben net geen reservebroek bij ons in de handbagage… We nemen hem mee naar achteren en met wat vochtige doekjes maken we hem schoon, de broek gaat in een zak en nu dus, te laat, wel een luier aan. Hij staat ook helemaal te bibberen. Even later ligt hij op onze stoelen languit weer te slapen. Gelukkig is het vliegtuig lang niet vol en hebben wij de ruimte. Al die tijd, het is ondertussen 21:45 is Senne nog volop wakker en vrolijk. Hij kijkt nog maar een keertje naar Toy Story met Chinese ondertitels. Tomar valt weer in slaap en bij het landen moet hij rechtop, maar voelt zich niet zo goed( het dalen in stappen maakt hem misselijk en hij si niet de enige ook mams voelt zich niet lekker daarbij…) en hij vind het een rotpiloot want hij maakt hem ziek. Bij de volgende vlucht krijgt hij een reistabletje.
We zitten in de vlucht van Minneapolis naar Denver. Opnieuw heeft Senne het opstijgen niet mee gemaakt en viel net voor we de lucht ingingen in slaap. De douane viel mee, wel veel vragen en vingerafdrukken+foto laten nemen en zelfs de kinderen moeten op hun sokken door de poortjes. mijn fototas drie keer door de scanner en een handmatige controle. Tomar heeft het nu beter naar zijn zin na een uurtje te hebben geslapen en zit nu weer naar Bob de Bouwer te kijken. Wij zijn ook wel wat brak, Evelien ligt te slapen en ik zit wat te lezen. Korte vlucht gelukkig (helaas was de buggy, ondanks het roze label, gewoon naar de bagageband gegaan ipv bij de slurf, lekker zeulen met Senne) en dan naar het hotel. Kijken hoe het slapen gaat.
Zaterdag 5 juni:
Het slapen is niet slecht gegaan, jammer van dat ronkgeluid iedere keer, maar we waren rond 5 uur wakker, dus toch zo’n 7 uur geslapen….. Af en toe was er gehuil, maar ik denk dat als het stiller was geweest hadden ze nog langer geslapen. Senne heeft in zijn Deryan bedje geslapen, ze waren binnen 5 min in dromenland. Vanmorgen wat tv gekeken op de enorme plasma. Veel zenders, maar geen kinderkanalen. Het echte amerikaanse ontbijt kan de jongens niet bekoren. Tomar probeert wat havermout en een geroosterde boterham, Senne weigert te eten. Die rent vrolijk door de hal en slaat alle aangeboden etenswaren af…..
Helaas kunnen we de camper pas om 12u ophalen ipv de gedachte 11u. Pas om 2 uur rijden we, na de uitleg, de eerste meters naar de Kings Sooper voor inkopen. Dat duurt ook anderhalf uur want we hebben veel nodig, dus om half 4 zijn we op weg naar de eerste camping. We komen midden in de spits van Denver. Is best te doen, maar het is wel druk. 5 rijstroken vol verkeer. De camper is wel wennen want het is een grote bak, je ziet niet veel door de grote spiegels maar ze zitten wel in de weg als je naar links of rechts wilt kijken. En het sturen heeft meer weg van een paard mennen, zoveel speling zit erop. Nu weten we dat het rijden zoals ze op tv doen met het stuur constant heen en weer bewegen toch echt is, zo moet je ook in de camper rijden.
Om half 7 komen we aan op de erg mooie Mountaindale Campground. We hebben een mooie plek met hookup, dwz water en stroom op je kampeerplek.
De jongens gaan wat spelen in het speeltuintje, Evelien koken en ik let op de kids. Senne is, waarschijnlijk door de jetlag, nog in hongerstaking en Tomar is vrijwel solidair.
Om half 9 liggen ze op bed, na een filmpje en slapen door tot….
Zondag 6 juni:
Om half 4 we bruut gewekt worden door een hoop kabaal en geblaas. Het blijkt de kachel te zijn die aan is gesprongen. Licht aan en kijken wat er is maakt dat de jongens wakker worden en als na korte tijd de kachel tot bedaren is gekomen en we weer op bed liggen blijkt dat het slapen over is voor deze nacht. De jet-lag maakt dat ze niet meer kunnen slapen en wij dus ook niet meer….Na een uur komen we er maar uit en gaan we ontbijten en blijkt Senne nog volhardend in zijn hongerstaking en Tomar erg met hem meeleeft. Maar melk gaat er wel in, 2 bekers dus zijn we toch wat geruster. Om half 9 krijgen we nog een donut en koffie aangeboden in een ruimte bij de receptie en staan we te praten met de camping eigenaar. Daarna gaan we op weg naar de volgende camping, in het Great Sand Dunes National Park. Onderweg slapen Tomar en Senne totdat we een paar keer moeten stoppen voor een stoplicht. Het is een hele mooie route, we komen over de North Laveta Pass op 9413ft. Prachtig, maar ik kijk steeds bezorgder naar de benzinemeter die steeds harder zakt. Er zit nog ruim een kwart in maar ik zie hem bijna letterlijk dalen en denk aan de gebruiksaanwijzing waarin staat dat de camper 1 op 3 rijd. Benzinepompen zijn schaars en de dorpjes ook, de helling wordt steeds stijler en ik moet veel gas geven om nog met een fatsoenlijke snelheid naar b oven te komen. Gelukkig zien we op de kaart dat er over 20 mile een stadje is, dus daar moet benzine zijn. Ik denk ook aan de aggregaat die niet draait met een tank waar minder dan een kwart in zit en het feit dat we geen stroom op onze kampeerplek hebben. Dan komen we aan in Fort Garland met gelijk aan het begin een benzinepomp, dus vol gooien maar.
Op precies $75,- stopt de pomp ermee, en dat vind ik wel heel toevallig. Ik ga het navragen en het blijt dat er een limiet van $75,- op de credit card zit. Dat heet dan betaalgemak. ING maar eens bellen.
Een half uur later na nog weer een hele mooie route zien we dan de Great Sand Dunes liggen, en zo vanaf de verte valt het eigenlijk wel tegen.
Ze lijken nogal klein en we denken, is dat het nou? Maar dat veranderd als we dichterbij komen en Tomar ook eindelijk de zandduinen ziet. Hij wil er gelijk op klimmen, maar we moeten eerst naar de Visitor Centre en dan inchecken op de camping.
Op onze plek zien we ineens een hert in de bossen lopen, vlakbij onze plek. Tomar is zwaar onder de indruk en beseft ineens dat hier meer wilds rondloopt dan thuis, hij is er niet gerust op.
We gaan nog even naar de duinen lopen, maar het is toch een eind, en het weer ziet er erg dreigend uit. In de gids word je ook gewaarschuwd voor bliksem en we besluiten om terug te keren naar onze plek want het gaat steeds harder rommelen. Morgen zijn we er ook nog.
We willen barbequen, dus gaan we om hout. Maar het weer wordt slechter en het rommelt harder en even later gaat het regenen.
Dan maar spaghetti uit blik. Senne houdt nog vast aan zijn ritueel, Tomar dwingen we om nu eindelijk ook eens wat meer te eten, ook al zeurt hij na drie happen dat hij genoeg heeft, dat daar een reden voor is merken we bij het toetje… hij moet spugen en zowel de bank en even later de vloer krijgen de volle lading…
Zowel Tomar als Senne is doodmoe en we doen ze gelijk naar bed. Tomar ligt er snel te ademen en klaagt dat alles zeer doet. Nu is het ook weer warm en we denken dat hij nogal wat indrukken moet verwerken, hij heeft het maar over de wilde dieren en de vliegjes rond zijn hoofd. We zitten ook op 2500 meter, dus is er minder zuurstof en daar kan hij ook wel eens last van hebben. Bovendien al dagen te weinig slaap gehad. We gaan er allemaal vroeg in, Evelien om 8 uur en ik vlak erna. Helaas gaat het net weer onweren…..
Maandag 7 juni:
Vannacht hebben de kids gelukkig goed geslapen. Wij ook, want we hebben de bedindeling veranderd. Eerst sliepen wij en de alkoof en Tomar en Senne op het grote bed. Maar het alkoofbed is dun en dus hard. Bovendien, als je ‘snachts uit bed moet voor de wc moet je flink klauteren. Nu hebben we op het grote bed geslapen en de kids in de alkoof. Ze werden pas om half 7 wakker, nadat wij al een tijdje wakker waren. Dan ben je toch een stuk uitgeruster na ruim 10 uur slaap. Vandaag staan de Great Sand Dunes op het programma. Omdat Tomar toch nog niet helemaal de oude is rijden we met de camper naar het parkeerterrein bij de Medano Creek.
Daar vandaan lopen we door de Medano Creek naar de Sand Dunes. Dat is nog een eind en bij de eerste dune vinden we het mooi en spelen daar een tijdje. Tomar graaft gangen en Senne hobbelt wat rond.
De hele dag blijven we hier en tussen de middag slapen Tomar en Senne op het pakeerterrein. Wij praten met iemand die zijn enorme pickup met opbouw camper en een hele lange aanhanger waar een auto en 3 motoren op kunnen op de plek naast onze camper wil zetten. We zitten daar in de schaduw onder onze awning, maar ondertussen is het pakeerterrein helemaal vol gelopen.
Tomar vind de creek eerst niets, maar is er daarna niet meer uit te krijgen. Senne vind het niets en wil weg. Om drie uur doen we dat ook en gaan we nog even naar het visitor center om Tomar de eed af te laten leggen en dan is hij junior Ranger. Daarvoor moest hij wat vragen beantwoorden en tekenen in een gids. Verlegen beloofd hij plechtig de natuur en de dieren te beschermen…
Het is warm, dus drinken!
Daarna gaan we terug naar de camping om te barbequen op een houtvuur. Senne eet nog steeds nauwelijks iets dan bananen en aardbeien en is om half 6 op en stoppen we in bed. Tomar eet nog een ijsje
en na een oorlogs douche want het water is bijna op, gaat hij ook slapen. En later die avond is ook de grijs water tank helemaal vol en kan ik niet meer douchen, Evelien nog net wel.
Dinsdag 8 juni.
Vroeg wakker en dus even wat foto’s maken.
Vandaag gaan we weer verder, in de eerste instantie naar Durango om na een overnachting verder te gaan richting Mesa Verde National Park. Onderweg stoppen we bij een krokodillenfarm.
Tomar wordt wild als hij ze ziet liggen en ook Senne is niet te houden. Als Evelien ineens een kleine krokodil in haar handen gedrukt krijgt staan ze toch wel even te kijken.
Zo levend zijn ze toch iets minder aantrekkelijk als verwerkt in een handtas…. Het is eigenlijk een Talapiafarm waar ze in de eerste instantie krokodillen gingen houden om als afvalbak te dienen voor de dooie vis. Later zijn er steeds meer bij gekomen omdat ze krokodillen op gingen vangen die van mensen af kwamen die ze thuis niet meer konden houden. Jawel, blijkbaar houden mensen hier soms een krokodil als huisdier. Er waren er genoeg, zoals je hier kunt zien.
Nee Senne, je kan ze niet aaien!!
Daarna door naar Durango. Onderweg rijden we via Wolf’s Creek Pass, net even boven de sneeuwhoogte. Dit is een erg mooie rit.
Na de Wolf Creek pass is het nog een uur naar Durango, alwaar we een mooie camping hebben.
’s Avonds eten we een verse pizza, maar ook dat kan de heren niet bekoren. Tomar eet er één stuk van en Senne….die toont er niet eens belangstelling voor!!
Woensdag 9 juni:
We gaan naar het Mesa Verde National Park. Dit is een uurtje rijden vanaf Durango.
Als je het Mesa Verde park binnen rijd, ben je er nog niet. Vanaf de toegang tot aan het visitor centrum is het nog 15 mile, via een verschrikkelijk slechte weg. Ze zijn die aan het opknappen, maar ze hebben eerst de hele weg afgeschraapt en dan gaan ze hem opnieuw asfalteren. Alleen moest dat laatste nog gebeuren, dus harder dan 10-15 mile per uur haal je niet anders rammelt de hele camper uit elkaar.
De jongens sliepen tijdens deze rammel en dus ook lawaai rit gewoon lekker door. En wij maar genieten van het mooie uitzicht.
Bij het visitor center een informatieboekje over de te bekijken cliff dwellings gehaald en een boekje voor Tomar zodat hij ook hier junior ranger kan worden.
Het is ondertussen erg warm geworden en we parkeren de auto, na weer een half uur rijden naar het Spruce tree huis, om het oude Indianen huis/ruïne te gaan bekijken. Na wat sanitaire problemen ga ik alvast met Senne naar de ruïne en Tomar en Evelien komen er achteraan. Bijna beneden mis ik net een bordje waardoor we weer steeds verder van de ruine afdwalen en steeds krappere paadjes moeten bewandelen. En het is bloedheet….. en Senne zit maar te gillen in zijn rugdrager. Dan maar terug en we vinden de goede weg gelukkig.
De cliff dwelling is een goed bewaard huis van de zgn. Pueblo people die hier jaaaaaaren geleden leefde. Het huis is nog voor 90% zo als ze het vonden en er is zeer weinig aan gerestaureerd. Het is mooi, maar of het nu de moeite waard was om dat hele kl….eind naar boven te rijden en dan nog dta eind te lopen in deze hitte??!!
We krijgen Tomar zo ver zonder veel gemor weer terug naar boven te klimmen door hem een ijsje te beloven..
Boven aan gekomen besluiten we, nadat Tomar junior ranger is geworden
om de grootste beker drinken die ze hebben te nemen. Ze blijken ook friet te verkopen en we proberen of Senne dit lust, en gelukkig blijkt dit zo te zijn. Voor het eerst in 5 dagen zien we onze kleine man een redelijke hoeveelheid eten. In het restaurant is het lekker koel en we knappen allemaal op, na 3 bekers cola (bijvullen is gratis).
Dan bedenken we dat het nog een eind terug is, een camping al geregeld is maar het eten nog niet, het ook al half 5 is dus bestel ik nog 2 friet en een hamburger. Na het eten rammelen we naar de camping in Cortez. Ook deze is weer erg mooi gelegen.
Donderdag 10 juni:
een pauzedag, op de camping. Niets doen dus, het is ook veel te warm. In de speeltuin lezen we wat, maar ‘s middags zitten we in de camper bij de airco. Ook hier zien we de jongens opknappen als ze wat afkoelen. Senne is nog steeds bezig met zijn, ondertussen, balansweek. Af en toe een hapje en een slokje… en verder fikse diarree!!
Hier zie je wat de gemiddelde Amerikaan als camper heeft. Model touringcar dus…
Hieronder zie je een zgn. fifth wheel. Je koppelt deze aan je pick-up truck waarbij de trekhaak in de pick-up bak staat.
Dit is zo’n beetje de normale grootte. Er zijn nog grotere, met meer zgn. slide outs.
Vrijdag 11 juni:
We gaan op weg naar Monument Valley! Vroeg op vanmorgen helaas, want om kwart voor 6 ging Tomar huilen want hij had door zijn luier heen in bed geplast. We hebben hem maar in bed genomen, maar dat had Senne door en die ging ook huilen. Die kon er dus ook bij en van slapen kwam natuurlijk niets meer, ten koste van ons humeur.
De rit naar Monument Valley duurt bijna 4 uur en gaat via Four Corners, een vierstaten punt. Helaas is het monument gesloten wegens opknapwerkzaamheden. En er is eigenlijk ook niets te zien. Het is wel het enige punt in de Verenigde Staten waar er 4 staten bij elkaar komen.
We gaan maar snel door, want Senne slaapt nog. Tomar deed dat ook, maar gaf het niet toe. Onderweg komen we langs een Mac Donalds, en dus denken we dat Senne wel weer even goed kan eten en dat blijkt te kloppen. Het is ook minder warm en zwaar bewolkt, dus dat scheelt ook weer. Het landschap veranderd langzaam naar kaal en droog en steeds meer rotsen.
Om half 3 zijn we op de, tot nu toe, camping met het mooiste uitzicht, midden in Monument Valley: Gouldings Campground.
Senne kan weer los lopen, na een lange rit!
Let even op de achtergrond. Een paar minuten later steekt er een “windje” op.
Gelukkig duurde dat niet lang, maar de camper stond flink te schudden. Het is wel een stofbende, en alles is rood.
Dat het koeler is en dat de jongens zich daardoor beter voelen is te merken bij het avondeten. Ze eten beide een flinke portie pasta!!! Na het avondeten gaat Renzo met Tomar nog even “de gevaarlijke rotsen” beklimmen.
Morgen gaan we een tour met een busje door Monument Valley doen, want dat kan niet met de camper.
Zaterdag 12 juni:
Vandaag ook weer vroeg op, maar nu willen we het zelf omdat we om 8:45 vertrekken voor een tour door Monument Valley.
Het weer ziet er goed uit en het autostoeltje past ook in de tot tourbus omgebouwde pick-up truck, dus wij erin, kids erin en nog 10 andere personen en daar gaan we…
We stoppen al binnen een minuut bij een Hogan. Dit is een origineel Navajo Indianen huis, gemaakt van cederbalken en bedekt met een dikke laag klei.
Binnen zit een oud Indiaans vrouwtje haar toeristentrucjes voor te doen zoals wol uitelkaar trekken en dan draad van spinnen, daar dan weer een kleed van maken en nog wat dingen die ons en vooral de kids niet interesseren.
Ze gaan dan ook weer snel naar buiten, ik hoor nog hoe de gids uitlegt hoe zo’n hogan gebouwd word. Daarna gelukkig op weg naar de buttes, ofwel bjuuts zoals ze hier zeggen. Nou, vlak na de ingang van het park en een kort ritje sta je dan gelijk voor hét klassieke Monument Valley plaatje:
In werkelijkheid is het nog veel mooier en indrukwekkender als hier op de foto. Je ziet hier vlnr. de Left Mitten Butte, Right Mitten Butte en Merrick Butte. Gelukkig is er redelijk wat tijd om foto’s te maken, en ook de kids kunnen wel wat rondkijken. Tomar graaft bij iedere stop met zijn meegebrachte graafmachientje en Senne loopt wat rond.
Zo rijden we, over een ongeplaveide en niet écht rechte weg ( kortom je tanden schudden er zo af en toe uit….) van het ene mooie punt naar het volgende.
Ik blijf maar foto’s maken, zo mooi is het.
Ook de kids hadden het best naar hun zin. Helaas was de gids een beetje saai en viel Senne in slaap
I’m a poor lonesome cowboy….
Hier staan we bij John Ford Point, genoemd naar de Amerikaanse regisseur die hier vele westerns opnam, met John Wayne. Voor mij was dit de plek waar ik al zo lang naar op zoek was, voor die ene vraag….
…en Evelien ziet het helemaal zitten!
En Tomar bleef lekker graven…
Daarna gingen we weer verder, hotsend en botsend, maar Senne…
Vond de gids nog steeds erg saai…. Even later stopten we bij een soort boog.
Let even op de verhoudingen hier, het is echt een enorm gat in de rots.
Tomar moest ook hier even spelen.
Verder gaan we weer naar het volgende punt, de gids is nog steeds niet animerend…
We komen langs een rots in de vorm van een wagenwiel:
We stoppen bij nog een gat in een rots, genaamd Big Hogan.
Onderin loopt Tomar…
Ook hier is het weer enorm groot. Senne is ondertussen uitgeslapen en kan ook even lekker klimmen
Nog een paar mooie plaatjes:
Er wonen nog steeds Indianen van de Navajo stam in Monument Valley. Het is ook hun gebied en dus geen National Park.
Monument Valley ligt erg afgelegen, dus je kunt ook niet even naar een grote stad voor inkopen. Er is niet veel aanvoorzieningen. Geen waterleiding, dat moet met een vrachtwagen gebracht worden. Sommige huizen hebben elektriciteit, en de stroomkabels liggen in Monument Valley onder de grond. Dit is niet normaal voor Amerika, maar omwille van het uitzicht hebben ze dit hier wel gedaan. De rest heeft een aggregaat.
Zondag 13 juni:
We gaan weer verder, nu naar Moab. Nog even omkijken
Ook dit is weer een mooie route, via Scenic Byway 191.
De meest vreemdsoortige rotsen komen we tegen. Deze rots wordt Mexican Hat genoemd.
En wat te denken van deze?
Het weer wordt wat minder en ’s avonds gaat het een paar keer regenen. Op de camping, het Okrvpark in Moab, waait de awning (het zonnescherm) door een rukwind bijna van de camper, zomaar vanuit het niets. We kunnen er nog net op tijd allebei aan gaan hangen.
We gaan eten bij Wendy’s, een beetje verlopen MacDonalds. We willen nog even Moab verkennen, want dat komt er bijna niet van. Als we een leuk stadje binnen rijden overdag slaapt Senne vaak en rijden we maar door. ’s Avonds sta je op de camping en kun je ook niet weg. Moab blijkt best leuk en we komen nog een paar Nederlanders tegen die een ANWB reis maken. Het gaat regenen en we vluchten een espressozaak binnen en kan ik eindelijk de eerste lekkere koffie in Amerika drinken. Een normale bak koffie is hier water met een koffiekleur. Smaak doen ze niet aan, in een grote beker is 1 klein melkje al teveel. Maar dit is een lekker pittig bakje.
Morgen gaan we naar Arches National Park.
Dat lees je op de volgende pagina, klik hier.


















































































